vrijdag 16 december 2011

DLM-Forum 2011 - Breakout session B on Interoperability

Deze week heb ik in Brussel het driejaarlijkse congres van het DLM-forum mogen bijwonen. De presentatie van de nieuwe MoReq2010 stond centraal. Verder was interoperabiliteit het sleutelwoord. In dat verband kwam de stekker-stopcontact metafoor meerdere malen voorbij (vandaar ook deze leuke afbeelding van mevrouw Sap). Ik heb van de meeste sessies aantekeningen gemaakt. Hierbij een eerste verslagje.

De presentaties zullen binnenkort ook gepubliceerd worden op de website van het DLM-forum. Collega Yap blogt eveneens over zijn DLM-ervaringen.

Yves Lardinois – EAD and METS: a coherent set of metadata for digital data preservation

Yves Lardinois is als analyst verbonden aan het Algemeen Rijksarchief in België. In zijn presentatie legt hij uit op welke manier het Rijksarchief gebruik maakt van metadata en open standaarden. Hoewel de titel van de lezing deed vermoeden dat de aandacht uit zou gaan naar preservation, beperkt hij zich grotendeels tot het toelichten van de basisprincipes rond metadatastandaarden die gebruikt worden om papieren en digitale (m.n. gedigitaliseerde) archieven te ontsluiten en presenteren, Encoded Archival Description en Metadata Exchange and Transfer Standard (METS).

Het gebruik van de metadatastandaarden EAD en METS helpt o.a. bij:

• toegang krijgen tot gegevens (lezen en vertalen,
• het interpreteren van gegevens: in welke context, door wie en waarom zijn ze gemaakt?

Waarin kunnen EAD en METS elkaar aanvullen? Het METS-schema wordt vooral gebruikt in het kader van records management. Helpt om de structuur van een archief vast te stellen en de afzonderlijke onderdelen te identificeren. EAD helpt om zowel papieren als digitale/gedigitaliseerde archieven te ontsluiten. Legt bijvoorbeeld een verbinding tussen een logisch object en de beschrijving ervan.

Lardinois noemde drie dimensies van interoperabiliteit:

• in de tijd,
• tussen verschillende applicaties,
• tussen verschillende gegevens.

Overigens kwam tijdens de rest van het congres telkens (terecht) ter sprake, dat semantiek de meest ingewikkelde dimensie van interoperabiliteit is.

Zie verder: PREMIS (preservation Metadata)

vrijdag 4 maart 2011

# 19 Genealogie 2.0

Ik heb de Family Search Indexing Tool uitgeprobeerd. De test laat goed zien welke informatie op welke plek van bijvoorbeeld een geboorteakte te vinden is. Als een archiefdienst grote hoeveelheden scans van akten met dezelfde opmaak op deze manier door vrijwillegers online laat indexeren, heb je volgens mij redelijk snel resultaat. Maar je blijft afhankelijk van de competenties van de vrijwilligers, de een kan beter handschriften lezen dan de ander.

Verder ben ik even gaan rondneuzen op Ancestry. Hoewel ik wat jeuk krijg van de Amerikaanse 'sfeer' en de commercialiteit die de site uitademt, lijkt het me voor genealogen best een heel aardige site, vooral ook omdat je je stamboom kan opleuken met foto's en verhalen. Uit de bronnenlijst op te maken doet het Nationaal Archief hier niet aan mee.

#18 LibraryThing

Ik heb een paar maanden geleden een account geopend op LibraryThing om basis van de boeken die ik onlangs met veel plezier heb gelezen inspiratie op te doen voor nieuwe titels. Maar veel heb ik er nog niet mee gedaan, hoewel ik dat nog wel van plan ben. Misschien wel een keer de hele boekenkast mee inventariseren.

Het is handig dat er cijfers en review over de boeken in LibraryThing gegeven worden. Dat helpt wel een beetje met zoeken naar nog te lezen boeken

Over een paar uurtjes ga ik dus met vakantie - wie weet kan ik straks nog even snel met behulp van LT een must-read uitzoeken en in de koffer stoppen.

# 14 Spelen in de zandbak van de 23-Archiefdingen wiki

Kijk, dat was een eenvoudige opdracht. Ik heb op de 23-archiefdingen Wiki (pbworks) een stukje geschreven over mijn favoriete activiteiten als ik thuis ben, namelijk lekker eten koken en goeie muziek luisteren.

@Timmietovenaar zei eerder vandaag al dat regie het buzzwoord van 2011 wordt, helemaal mee eens. De zandbak is namelijk best een puinhoop (daarvoor was deze ook bedoeld volgens mij ;-)), maar het geeft wel de ruimte om met heel eenvoudige middelen een mooi zandkasteel te bouwen. Vooral prettig dat er een makkelijke editor in zit.

#12 Tagging en social bookmarking


Hmmm...Delicious. Ik ga het persoonlijk voorlopig niet gebruiken aangezien ik nog nooit de behoefte heb gevoeld aan zo'n toepassing, behalve als favorietenlijstje dat ik overal kan raadplegen. Maar de meeste favorieten zitten toch al wel ergens in mijn hoofd.

Voor archiefinstellingen lijkt het me wel een heel interessante toepassing. Vanuit onze sector Digitale Innovatie maken we best veel gebruik van kennis die elders al is vastgelegd, bijvoorbeeld bij eDavid in Antwerpen, het stadsarchief Amsterdam, The National Archives in London, de Open Planets Foundation etc. Om collega's of archiefvormers die vragen hebben over digitale duurzaamheid te bedienen, zou het best aardig zijn om al die externe kennis via Delicious te bundelen en d.m.v. tags ook te clusteren naar onderwerp (bestandsformaten, preservation planning, tools, libraries etc.). Valt of staat uiteraard weer bij een goed beheer van de pagina.

Ik heb ondertussen ook even gekeken op ikweetwatditis, maar ik betwijfel of die site het beoogde effect heeft (i.e. met kennis van de 'crowd' proberen het Nederlands cultureel erfgoed te beschrijven). Nou heb ik heel flauw zelf een aantal tags toegevoegd (stroopwafel, mandje, zeeëgel), om uit te vinden hoe het werkt. Wat me opviel is dat bijna niks getagd is, en als er al een tag staat, dan is die behoorlijk nietszeggend. Anderen hadden bijvoorbeeld 'simpel', of 'impressie' toegevoegd. Leuk dat het ministerie van OCW daar subsidie voor heeft in het kader van de regeling 'Digitalisering met Beleid', maar of dat nou echt wat oplevert....ik weet het niet.

#13 What I know I...

Het mooie van wiki’s is, dat je samen aan iets werkt dat steeds groter en vollediger wordt. Het risico daarbij is, dat er een wildgroei ontstaat van informatie van wisselende kwaliteit. Ook hier geldt weer, dat een goed beheer en een goede regie onontbeerlijk zijn. Onze eigen IntraWiki, die wordt gebruikt om kennis en informatie vanuit de verschillende sectoren, projecten en programma’s met elkaar te delen, is daar wel een goed voorbeeld van: je weet nooit welke informatie je waar mag verwachten. En hoewel het erg leuk is om zelf pagina’s te maken op die Wiki, en je met een paar goed gekozen zoektermen best veel informatie kan vinden, wordt het meer en meer een rommelzolder die hoognodig eens opgeruimd moet worden.

De Archiefwiki daarentegen heeft wat meer structuur en regie, waardoor er een prettig bruikbare kennisbank ontstaat. Je weet meteen waar je terecht kan met een bepaalde informatievraag. De projectwiki Geboren in 1809 van het Regionaal Archief Tilburg en de Nederlandse Genealogische Vereniging vind ik ook een mooi initiatief. Voor beide wiki’s zijn geïnteresseerden uitgenodigd om bijdragen te schrijven voor de wiki, waarmee het echt een 'gezamenlijk ding' wordt.

# 16 Instant Messaging


Mijn eerste chatsessie dateert alweer van 15 jaar geleden, toen we net thuis in Overdinkel internet hadden. Ik kan me daar in ieder geval nog van herinneren, dat ik via IlseWeb en PauzeWeb in Nederlandse chatboxen terecht kwam. Ik weet niet eens meer of er destijds ook al iets als Google bestond, maar met een beetje zoekwerk had ik uiteindelijk ook internationale chatboxen te pakken. Het enige wat ik daarvan geleerd heb is het Engelse woordje ‘rad’, van een Canadees die mijn voorliefde voor Portishead deelde en al hun nummers ‘so rad!’ vond. ‘Te gek’!

Dat chatten ging al snel vervelen, dus dat heb ik vervolgens ook tien jaar niet meer gedaan. De laatste jaren af en toe via Facebook. En sinds dit jaar gebruik ik Skype (sinds een week zelfs Yammer) om even snel met collega’s korte vragen of discussies uit te wisselen waar niet persé een e-mail omheen hoeft te zitten. Dat vind ik wel heel erg handig. Een tijdje geleden heb ik geprobeerd om met Chido en Ingmar via GoogleChat te vergaderen over de Beleidsregel Digitale Vervanging.

Ik vond dat wel een fascinerend idee, om vanuit Zeeland, Noord-Brabant en Zuid-Holland even af te stemmen, en bovendien meteen een ‘verslag’ van je vergadering te hebben. Maar het werkte voor geen meter, aangezien de berichten in verschillend tempo en soms zelfs andere volgorde op ieders scherm verscheen. Het had misschien gescheeld als we van te voren een paar afspraken met elkaar hadden gemaakt over wie wanneer wat mag ‘zeggen’. Nou goed, dit eindigde uiteindelijk in een paar telefoontjes en de afspraak om e.e.a. gewoon weer ouderwetsch via de mail af te handelen.

Het nut van instant messaging voor archiefdiensten is redelijk voor de hand liggend gelegen in het communiceren met het publiek – waarbij men vragen kan stellen aan de archivaris, zoals bij het BHIC wordt gedaan. Iets anders kan ik ook niet echt bedenken, behalve dat het handig is om in plaats van e-mails instant messages te gebruiken om even snel iets met elkaar uit te wisselen. Maar dat geldt voor elk soort organisatie. En online vergaderen met gebruik van IM werkt alleen als je daar van tevoren duidelijke afspraken over maakt.