vrijdag 4 maart 2011

# 19 Genealogie 2.0

Ik heb de Family Search Indexing Tool uitgeprobeerd. De test laat goed zien welke informatie op welke plek van bijvoorbeeld een geboorteakte te vinden is. Als een archiefdienst grote hoeveelheden scans van akten met dezelfde opmaak op deze manier door vrijwillegers online laat indexeren, heb je volgens mij redelijk snel resultaat. Maar je blijft afhankelijk van de competenties van de vrijwilligers, de een kan beter handschriften lezen dan de ander.

Verder ben ik even gaan rondneuzen op Ancestry. Hoewel ik wat jeuk krijg van de Amerikaanse 'sfeer' en de commercialiteit die de site uitademt, lijkt het me voor genealogen best een heel aardige site, vooral ook omdat je je stamboom kan opleuken met foto's en verhalen. Uit de bronnenlijst op te maken doet het Nationaal Archief hier niet aan mee.

#18 LibraryThing

Ik heb een paar maanden geleden een account geopend op LibraryThing om basis van de boeken die ik onlangs met veel plezier heb gelezen inspiratie op te doen voor nieuwe titels. Maar veel heb ik er nog niet mee gedaan, hoewel ik dat nog wel van plan ben. Misschien wel een keer de hele boekenkast mee inventariseren.

Het is handig dat er cijfers en review over de boeken in LibraryThing gegeven worden. Dat helpt wel een beetje met zoeken naar nog te lezen boeken

Over een paar uurtjes ga ik dus met vakantie - wie weet kan ik straks nog even snel met behulp van LT een must-read uitzoeken en in de koffer stoppen.

# 14 Spelen in de zandbak van de 23-Archiefdingen wiki

Kijk, dat was een eenvoudige opdracht. Ik heb op de 23-archiefdingen Wiki (pbworks) een stukje geschreven over mijn favoriete activiteiten als ik thuis ben, namelijk lekker eten koken en goeie muziek luisteren.

@Timmietovenaar zei eerder vandaag al dat regie het buzzwoord van 2011 wordt, helemaal mee eens. De zandbak is namelijk best een puinhoop (daarvoor was deze ook bedoeld volgens mij ;-)), maar het geeft wel de ruimte om met heel eenvoudige middelen een mooi zandkasteel te bouwen. Vooral prettig dat er een makkelijke editor in zit.

#12 Tagging en social bookmarking


Hmmm...Delicious. Ik ga het persoonlijk voorlopig niet gebruiken aangezien ik nog nooit de behoefte heb gevoeld aan zo'n toepassing, behalve als favorietenlijstje dat ik overal kan raadplegen. Maar de meeste favorieten zitten toch al wel ergens in mijn hoofd.

Voor archiefinstellingen lijkt het me wel een heel interessante toepassing. Vanuit onze sector Digitale Innovatie maken we best veel gebruik van kennis die elders al is vastgelegd, bijvoorbeeld bij eDavid in Antwerpen, het stadsarchief Amsterdam, The National Archives in London, de Open Planets Foundation etc. Om collega's of archiefvormers die vragen hebben over digitale duurzaamheid te bedienen, zou het best aardig zijn om al die externe kennis via Delicious te bundelen en d.m.v. tags ook te clusteren naar onderwerp (bestandsformaten, preservation planning, tools, libraries etc.). Valt of staat uiteraard weer bij een goed beheer van de pagina.

Ik heb ondertussen ook even gekeken op ikweetwatditis, maar ik betwijfel of die site het beoogde effect heeft (i.e. met kennis van de 'crowd' proberen het Nederlands cultureel erfgoed te beschrijven). Nou heb ik heel flauw zelf een aantal tags toegevoegd (stroopwafel, mandje, zeeëgel), om uit te vinden hoe het werkt. Wat me opviel is dat bijna niks getagd is, en als er al een tag staat, dan is die behoorlijk nietszeggend. Anderen hadden bijvoorbeeld 'simpel', of 'impressie' toegevoegd. Leuk dat het ministerie van OCW daar subsidie voor heeft in het kader van de regeling 'Digitalisering met Beleid', maar of dat nou echt wat oplevert....ik weet het niet.

#13 What I know I...

Het mooie van wiki’s is, dat je samen aan iets werkt dat steeds groter en vollediger wordt. Het risico daarbij is, dat er een wildgroei ontstaat van informatie van wisselende kwaliteit. Ook hier geldt weer, dat een goed beheer en een goede regie onontbeerlijk zijn. Onze eigen IntraWiki, die wordt gebruikt om kennis en informatie vanuit de verschillende sectoren, projecten en programma’s met elkaar te delen, is daar wel een goed voorbeeld van: je weet nooit welke informatie je waar mag verwachten. En hoewel het erg leuk is om zelf pagina’s te maken op die Wiki, en je met een paar goed gekozen zoektermen best veel informatie kan vinden, wordt het meer en meer een rommelzolder die hoognodig eens opgeruimd moet worden.

De Archiefwiki daarentegen heeft wat meer structuur en regie, waardoor er een prettig bruikbare kennisbank ontstaat. Je weet meteen waar je terecht kan met een bepaalde informatievraag. De projectwiki Geboren in 1809 van het Regionaal Archief Tilburg en de Nederlandse Genealogische Vereniging vind ik ook een mooi initiatief. Voor beide wiki’s zijn geïnteresseerden uitgenodigd om bijdragen te schrijven voor de wiki, waarmee het echt een 'gezamenlijk ding' wordt.

# 16 Instant Messaging


Mijn eerste chatsessie dateert alweer van 15 jaar geleden, toen we net thuis in Overdinkel internet hadden. Ik kan me daar in ieder geval nog van herinneren, dat ik via IlseWeb en PauzeWeb in Nederlandse chatboxen terecht kwam. Ik weet niet eens meer of er destijds ook al iets als Google bestond, maar met een beetje zoekwerk had ik uiteindelijk ook internationale chatboxen te pakken. Het enige wat ik daarvan geleerd heb is het Engelse woordje ‘rad’, van een Canadees die mijn voorliefde voor Portishead deelde en al hun nummers ‘so rad!’ vond. ‘Te gek’!

Dat chatten ging al snel vervelen, dus dat heb ik vervolgens ook tien jaar niet meer gedaan. De laatste jaren af en toe via Facebook. En sinds dit jaar gebruik ik Skype (sinds een week zelfs Yammer) om even snel met collega’s korte vragen of discussies uit te wisselen waar niet persé een e-mail omheen hoeft te zitten. Dat vind ik wel heel erg handig. Een tijdje geleden heb ik geprobeerd om met Chido en Ingmar via GoogleChat te vergaderen over de Beleidsregel Digitale Vervanging.

Ik vond dat wel een fascinerend idee, om vanuit Zeeland, Noord-Brabant en Zuid-Holland even af te stemmen, en bovendien meteen een ‘verslag’ van je vergadering te hebben. Maar het werkte voor geen meter, aangezien de berichten in verschillend tempo en soms zelfs andere volgorde op ieders scherm verscheen. Het had misschien gescheeld als we van te voren een paar afspraken met elkaar hadden gemaakt over wie wanneer wat mag ‘zeggen’. Nou goed, dit eindigde uiteindelijk in een paar telefoontjes en de afspraak om e.e.a. gewoon weer ouderwetsch via de mail af te handelen.

Het nut van instant messaging voor archiefdiensten is redelijk voor de hand liggend gelegen in het communiceren met het publiek – waarbij men vragen kan stellen aan de archivaris, zoals bij het BHIC wordt gedaan. Iets anders kan ik ook niet echt bedenken, behalve dat het handig is om in plaats van e-mails instant messages te gebruiken om even snel iets met elkaar uit te wisselen. Maar dat geldt voor elk soort organisatie. En online vergaderen met gebruik van IM werkt alleen als je daar van tevoren duidelijke afspraken over maakt.

donderdag 3 maart 2011

#22 Smartphones


Werken als adviseur bij de afdeling Digitale Innovatie heeft zo zijn voordelen. Eén zo’n voordeel is de smartphone waarvan ik sinds enkele maanden de trotse bruikleennemer ben. En wel een BlackBerry, door sommige IPhone-adepten ook wel McFlurry genoemd. ;-). Uiteindelijk is het allemaal fruit of voedsel.

Je kan er wel een heleboel mee. Hoewel ik het meest geïnteresseerd ben in mijn e-mail die op de BB binnenkomt (en het spelletje Word-Mole), ben ik sinds een paar weken ook wat meer met apps aan de slag gegaan. Mijn favoriete app is Endomondo, waarover ik in een ander bericht op deze blog al schreef. En verder de NS-reisinformatie maar daar heb ik meer last dan lol van. What's App, Facebook, Twitter en LinkedIn staan er ook op.

Wat ik wel opmerkelijk vind aan veel van de 23-Archiefdingen en Archief 2.0 is dat het heel erg gericht is op het publieksbereik en het betrekken van de 'crowd', terwijl het nou juist zo leuk zou zijn om eens te kijken naar het effect van 2.0-erige activiteiten voor de archiefvorming. Of de manier waarop 2.0-toepassingen ingezet kunnen worden ook ingezet kunnen worden voor archiveringsdoeleinden.

Dus ik heb even gezocht naar een app-je die je daarvoor kan gebruiken: Documation. Ik heb de app niet uitgeprobeerd, maar hij biedt in ieder geval het volgende: "All the solutions and experts advices to dematerialize, archive, search, organize, share, and distribute your documents and information."

#15 Twitter

Ik ben de Dingen een beetje in de verkeerde volgorde aan het doen, maar dat geeft niet begreep ik van mijn 23AD-coach. Ik heb nog ongeveer 24 uur te gaan om een stuk of 12 Dingen af te vinken. Dus ik doe de makkelijkste Dingen eerst.

Ding #15 gaat over Twitter. Twitter: heel leuk! Ik volg graag, maar zend weinig. Ik gebruik het vooral om op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen en activiteiten in het vakgebied. Maar ook voor de lol, zo kan ik smakelijk lachen om de meeste tweets van Nico Dijkshoorn. Terwijl ik met de keuze tussen Facebook, LinkedIn of Archief 2.0 nog een onderscheid kan maken tussen professioneel en privé online bezig zijn, is die scheidslijn op Twitter wel heel erg dun. Ik vind het best grappig om te lezen dat 's avonds taarten gebakken en 's ochtends treinen gemist worden terwijl overdag beleidsplannen gesmeed worden. Maar vooralsnog blijf ik zelf meestal lichtelijk verlamd door de vraag 'wat zal ik wel en wat zal ik niet tweeten', om vervolgens op Facebook iets te posten.

Voor archiefinstellingen zie ik Twitter vooral als PR-instrument, waarmee je je doelgroepen van nieuws op de hoogte kan brengen, of attenderen op tentoonstellingen, nieuw verworven archieven en collecties. Maar ook hier geldt: er moet wel regelmaat en regie in zitten, want als je maar eens in de tien dagen een berichtje uitzendt wordt je geheid ondergesneeuwd door de rest van de Tweeps.

#17 Sociale netwerken

Ik ’Hyve’ sinds 2005 en twee jaar later had ik ook een Facebookaccount. Die ging ik steeds meer gebruiken naarmate ik tijdens tripjes naar verre landen steeds meer buitenlandse ‘vrienden’ maakte. Hyves gebruik ik niet meer, aangezien het steeds meer een pubernetwerk lijkt te worden. Maar dat kan ook liggen aan het netwerk dat ik op Hyves heb ;-). Facebook vind ik erg leuk, vooral om half afwezig door allerlei foto’s van ‘vrienden’ te bladeren en af en toe zelf wat meer en minder zinnige uitlatingen de digitale wereld in te sturen. Het laatste jaar krijg ik ook opvallend vaak uitnodigingen om ‘vriend’ te worden van vakgenoten of mensen die ik via mijn werk heb leren kennen. Maar daarvoor vind ik Facebook echt te privé. Dan gebruik ik liever LinkedIn. LinkedIn zie ik voor mezelf als een veredelde naamkaartjeshouder, dat scheelt weer een hoop rondzwervend oud papier. Heb ook een MySpace-account gehad, maar die is weer opgeheven omdat ik daar allerlei rare berichtjes ontving. Ik kijk overigens wel meer dan wekelijks op MySpace om nieuwe muzikale ontdekkingen te beluisteren of tourdata te checken.

Binnen het ‘vakgebied’ ben ik nog lid van Archief 2.0 en BREED. Dat wil eigenlijk zoveel zeggen dat ik er een profiel heb, en er de afgelopen twee jaar af en toe heb gereageerd op een discussie. Maar hoe groter die netwerken werden, en hoe meer topics er in de fora ontstonden, hoe minder ik inlogde. Gevoel van de draad een beetje kwijtraken. Overigens vind ik het wel goed dat die netwerken bestaan, want het kan buitengewoon prettig zijn om onder vakbroeders met elkaar van gedachten te wisselen over lastige vraagstukken. Ook heel handig als PR-platform om evenementen als de KVAN-studiedagen of andere congressen te pluggen bij de doelgroep.

woensdag 2 maart 2011

#11 Mijn visie op web 2.0

De opdracht voor Ding #11 is: schrijf een posting over jouw visie op Web 2.0, liefst in relatie tot je archiefinstelling.

Bij mijn posting over Youtube noemde ik al een voorbeeld van hoe Youtube ingezet zou kunnen worden door het Nationaal Archief. Ik denk dat op die manier een aantal van de Dingen zeker bruikbaar is voor het delen van kennis.

Hoewel de Dingen die tot dusver voorbij zijn gekomen in de meeste gevallen leuk, informatief, grappig en handig zijn, valt of staat het succesvol gebruik door een archiefinstelling bij de regie ervan. Je kan blogs bijhouden, aan webcare doen, filmkanalen aanbieden. Maar als er geen regelmaat in zit en er geen continue kwaliteit wordt aangeboden (kijk ik ook even naar mezelf...), dan gaat de vorm boven de inhoud en bereik je er niet veel mee.

#10 Online kantoortoepassingen en andere tools


Ik heb in het verleden een aantal keer gebruik gemaakt van Google Docs, maar ik vond het niet een bijster geschikt middel voor documenten waarbij je bijvoorbeeld ook nog iets aan de opmaak wil doen.

Sinds een tijdje maak ik actief gebruik van pbworks.com als online workspace om documenten van het zogenaamde E-Team te delen. Aan het E-team nemen zowel mensen van binnen als buiten het Nationaal Archief deel. De workspace is een handig centraal instrument om ervoor te zorgen dat iedereen over dezelfde informatie beschikt. Overiges wordt er weinig interactief gebruik van gemaakt, er staan met name 'statische' documenten op.

Verder gebruiken we voor de organisatie van de KVAN-dagen sinds twee jaar Surfgroepen. Aangezien de organisatiecommissie voortdurend van samenstelling verandert en er geen eigen kantooromgeving bestaat, is Surfgroepen een handige plek om documentatie, afbeeldingen, planningen etc. te verzamelen en met elkaar te delen.

Zowel bij Google Docs, PBworks als Surfgroepen vind ik het gezamelijk aan documenten werken erg lastig. Ik zie het vooral als nuttige toepassingen om informatie uit te wisselen buiten de grenzen van je eigen kantoorautomatisering.

#9 Kaartmateriaal, mashups en georefereren


View Endomondo hardlooproutes in a larger map

Ohjee...wat doe ik nu? Een poging om nog voor aanstaande maandag alle dingen doorlopen te hebben om het felbegeerde 23AD-diploma te behalen. Zaterdag ga ik op vakantie, wie weet lukt het me nog...

Allereerst ding 9 dus...over kaartmaterlaai, mashups en georeferen.

Ik ben gelukkig al bekend met de toepassingen die op de 23AD-site besproken worden, dus ik dacht laat ik voor de bonusopdracht gaan: maak je eigen Google Map. Nou ben ik sinds een tijdje aan het hardlopen volgens een schemaatje. Om dat zo leuk mogelijk te maken heb ik de Endomondo - app op mijn Blackberry geïnstalleerd. De app houdt je route, tempo en de tijdsduur bij en de gegevens worden geüpload naar je eigen Endomondo-account. Het mooie daarvan is, dat je op je online profiel allerlei statistische gegevens over je training kan bekijken. Nog mooier is dat het nog gratis is ook. ;-)

Om een eigen Google Map te maken, heb ik een route geëxporteerd uit Endomondo en die vervolgens weer geïmporteerd in Google Maps. Zie bijgevoegd plaatje voor het resultaat. Het is me nog niet gelukt om meerdere routes te importeren, of er een plaatje in te plakken van bijvoorbeeld mijn 'sportanalysegrafiek'. Maar dat ga ik later alsnog proberen.